De afgelopen weken waren maar saai, wat natuureducatie betreft. De scholen zijn dicht, dus geen gastlessen en alleen noodopvang bij mijn werk bij Natuurfontein.

Gelukkig staat bij Natuurfontein de natuur centraal, en deze maand staat in het teken van de klimop. Ik heb wat informatie op papier gezet (zie afbeelding) en met kinderen zeep gemaakt van klimopbladeren.

 

De klimop heeft niet zo’n goed imago. Veel mensen vinden hem met zijn donkergroene bladeren wat saai, en een klimop zou bomen en muren slopen.

Dat slechte imago is niet terecht. Alleen zieke of verzwakte bomen kunnen het loodje leggen als ze massaal door klimop worden begroeid. De altijd-groene bladeren van de klimop kunnen van een toch al zwakke boom het daglicht onderscheppen, en soms wordt een zwakke boom gevoeliger voor stormschade door al die klimop in de takken.

Ook het idee dat klimop muren aantast, blijkt mee te vallen. Alleen oude, poreuze voegen kunnen op den duur verzwakt worden door klimop.

Dus daarom nu de leuke kanten van deze struik. Ten eerste, de klimop is een inheemse liaan, een look-a-like van de varianten in de jungle (alleen geen familie).

Lianen zijn houtige klimplanten, die een boom als steun nodig hebben.  Het is dus eerder een naam voor een type plant, dan een soort. Van onze klimop is geen familie van die in de jungle.

Vogels houden van klimop. Bijvoorbeeld om er te schuilen, en om er insecten en bessen te eten. En voor insecten is de klimop een welkome voedselbron in het najaar, wanneer er maar weinig andere bloemen bloeien.

Voor mensen is de klimop giftig: de bladeren een beetje en de bessen heel erg. Van de bladeren kan je dus wel zeep maken. Dit heb ik gedaan.

En daarmee de kinderen ook een beetje in verwarring gebracht: ‘Maar je mag toch geen blaadjes plukken, juf?”, vroeg een meisje verbaasd. Ik antwoordde met een beetje een slap verhaal als ‘daar kan deze struik wel tegen, voor één keer mag het wel’, ‘deze groeit heel hard’ en ‘we nemen blaadjes die over de grond groeien, die gaan toch dood als er mensen overheen lopen.’

Toen we daarna de klimopblaadjes in een vijzel met wat water fijnmaakten, zat ik er ook nog over in dat aan de onderkant van de bladeren wat schild- of dopluizen zaten.

Luizen die we nu dus ook fijn maalden. De kinderen vonden dat alleen maar een smerig idee: luizen in de zeep! Ik vond het vooral zielig, en heb hen maar niet verteld dat er bijvoorbeeld in Fristi  en roze koeken ook gestampte luis zit.

We deden nog wat meer water bij het prutje en dat vervolgens in petflesjes. Het groene spul ging lekker schuimen!

Ik heb het thuis nog een keer nagemaakt, omdat ik met de kinderen geen gelegenheid had om foto’s te maken.  En er mee schoongemaakt.

De gootsteen ging er van glimmen, alleen waren al die kleine stukjes blad een beetje irritant.  Daarna heb ik de zeep gefilterd met een koffiefilter.  En daarmee heb ik de badkamer schoongemaakt. En dat werkte prima, alleen de typische bittere geur vind ik niet zo lekker……Wat dat betreft vind ik zeep van paardenkastanjes fijner, want dat ruikt tenminste nergens naar.

En o ja, je zou ook verf kunnen maken van de stengels. Dat heb ik ook geprobeerd, maar het werd een slap zwart-groen mengsel. Niet gekleurd genoeg om er echt mee te verven. En nauwelijks donkerder dan de zeep.

Meer lezen:

Blog: zelf afwasmiddel maken van klimop