Overal is een verhaal, dat wacht om verteld en ontdekt te worden. Ik zeg en schrijf het bijna iedere dag. Omdat ik denk dat het waar is én omdat ik geloof dat mensen meer van de wereld om hun heen kunnen genieten als ze deze verhalen zouden kunnen beleven.

Overal waar ik kom, zoek ik het verhaal. Zo zat ik afgelopen weekend in een lijnbus op weg naar een training over marketing. Op de grijze ochtend schoven de namen van de bushaltes voorbij: Nachtegaallaan, Vreewijk, Keukenhofdreef….etc.

Mysterieuze namen

Wat voor verhaal zou er achter deze soms mysterieuze namen schuil gaan? Ik keek vanuit de bijna lege bus naar buiten. De harde wind joeg over de grauwe, verlaten bollenakkers. Ergens was een boer nog de laatste bollen aan het planten.

Zo uit het raam van de bus kijkend, werd ik niet veel wijzer. Dus een paar dagen later kroop ik achter de computer voor een google-actie,  die uiteindelijk toch weer veel langer duurde dan gepland. Want elke keer verbaas ik me er weer over, hoeveel verhalen er zijn, hoeveel informatie er is, maar hoe weinig dit bij de mensen terecht komt.

Verhalen ‘vertalen’

Ik zie het als mijn missie om die verhalen op te diepen en te ‘vertalen’  zodat iedereen er van kan genieten. En u ze kan gebruiken om uw gasten een leukere vakantie te laten beleven, waardoor ze meer tevreden zijn. En u meteen duidelijk kan maken wat er zo bijzonder bij u is.

Ook nieuwsgierig waar die bushaltes voor staan?  Hierbij een impressie van mijn ‘buit’.

De eerste halte was ‘De Nachtegaal’, een beetje rommelig, blokachtig, grijs hotel-restaurant aan een rotonde en een grote parkeerplaats. Jarenlang was De Nachtegaal de ‘place to be’ in de bollenstreek. De speeltuin was een begrip. Een drukte van belang als de bollen in bloei stonden.

Café De Nachtegaal rond 1930. Foto: Beeldbank Lisse

De volgende halte is ‘Vreewijk’. Of het er altijd vredig toeging, zoals de naam suggereert, daar ben ik niet achter gekomen. Het was wel een wijk met veel saamhorigheid, omdat het uit slechts één straat met veertig huizen bestond, in 1894 middenin een weiland gebouwd. Door de afgelegen ligging waren de bewoners op elkaar aangewezen. Ondertussen ligt de wijk midden in de bebouwing.

De bus stopt daarna bij de Keukenhofdreef. Het woord ‘dreef’ heeft altijd te maken met vee, het is de weg van waarlangs men een kudde vee van het dorp naar het open veld dreef. Maar hoe zit dat dan? Mensen gaan toch geen vee weiden op het landgoed Keukenhof? Dat blijkt zo te zitten. Voordat het Landgoed Keukenhof bestond, was het een stuk woest duin. Eigendom van de heren van het Slot Teylingen, even verderop. En hier, in het ‘Keukenduin’ werd gejaagd op konijnen, patrijzen en fazanten. Voor de keuken van de heren dus. Maar er zullen vast ook wel boeren met hun vee hebben rondgelopen.

Vanaf het begin van de 17e eeuw ontdekt men een veel lucratievere manier om deze gronden te exploiteren: het zand werd afgegraven en verkocht aan de snel groeiende steden Amsterdam en Haarlem. Door deze afgravingen zijn oude wegen als een soort dijken boven de velden komen te liggen.

oudefotobollenveldenrijksmuseum

Gezicht op bloembollenvelden tussen 1907-1930. Foto: rijksmuseum.nl

Eén van de volgende haltes heet dan ook de ‘zanderij’, genoemd naar deze afgravingen. Het zand bracht de regio een economische impuls, maar dat niet alleen. De gronden bleken na afgraving ook bijzonder geschikt voor de teelt van bloembollen. Een win-win-situatie dus.

Een andere halte naam die me intrigeert, is de Maandagse Wetering. Het woord ‘wetering’ slaat op de smalle sloot die langs een brede weg loopt. Vroeger gegraven om het veen aan de voet van de duinen te ontwateren. In de jaren 20 uitgediept door werklozen.

Nu lijkt er weinig van over. Er blijkt ook nog een Dinsdagse en een Woensdagse Watering te zijn, nu word nog nieuwsgieriger. Helaas laat google-books precies die pagina’s, waar ik mee zou kunnen vinden, niet zien. Als ik hier een route van zou maken, zou ik natuurlijk het tweedehands boek kunnen bestellen, maar dat voert voor nu een beetje ver…

Ik stap uit bij de halte ‘Langelaan’, genoemd naar het Langeveld, een plek die nog steeds zo heet. Ook de bekende strandafgang Langevelderslag is er naar vernoemd. Het Langeveld was een lange, smalle strook grond tussen de duinen en het moerassige achterland. De Romeinen noemde de Germaanse boeren, die ze hier aantroffen, Kaninefaten. Het moeras is ondertussen een polder geworden, maar het Langeveld bestaat nog steeds, al is het nu een natuurgebied.

boerenduinengesneden

Zou het er vroeger hier zo uit hebben gezien? Gedeelte van tekening Frans Arnold Breuhaus de Groot, 1844, via rijksmuseum.nl

Zo blijkt maar dat echt overal een verhaal is. Ook in een landschap dat er nu, in de winter, grauw en kaal uitziet. Die verhalen maken mij nieuwsgierig om er nog een keer heen te gaan. Zou ik nog wat van het Langeveld herkennen, en me even een Germaanse boer kunnen voelen? Of me als het ware laten meenemen voor een ritje met de trekschuit?

Eén van de vele aantrekkingskrachten die een verhaal heeft, is dat ze je naar een andere wereld brengen. En dat is toch wat mensen willen tijdens een vakantie? En, niet onbelangrijk, verhalen worden veel beter onthouden dan wat dan ook. Dat komt door de manier waarop onze hersens werken.

Dus wilt u dat uw gast nog lang aan zijn of haar verblijf blijft denken, gebruik dan verhalen! 

Bent u benieuwd welke verhalen er bij u verborgen liggen? Vraag dan mijn gratis e-werkboek aan.  Met handige checklist help ik u uit te zoeken welke verhalen er bij u zijn, en hoe u dit kunt gebruiken om zich te onderscheiden.

Bent u ook benieuwd welk verhaal er achter een merkwaardige naam bij u in de buurt schuilgaat, of wilt u nu eindelijk weten wat die rare aanduiding op de kaart betekent? Type uw vraag hieronder (bij ‘geef een reactie’), en ik ga op zoek naar het verhaal!

Omdat ik zo veel mogelijk mensen wil inspireren met de verhalen en het simpele feit dat verhalen overal zijn, zou ik het erg waarderen als u mijn blog via uw eigen Social Media deelt. Dat kan gemakkelijk met de knoppen hieronder. Alvast bedankt!