Afgelopen weekend waren er in Wageningen allerlei symposia, lezingen, feestelijkheden in het kader van het 100-jarig bestaan van Wageningen Universiteit. Ook ooit mijn universiteit (destijds trouwens nog hogeschool).

Ik werd vooral aangetrokken door het symposium Food for Future, waar het o.a. ging over toekomstige trends in voeding en consumentengedrag. Een onderwerp dat me na aan het hart ligt, ook omdat ik me sinds een half jaar meedenk over educatie over duurzame en gezonde voeding in Haarlem.

Op het Wagenings symposium vond ik vooral de toekomstvisie van de trendonderzoeker Anneke Ammerlaan inspirerend en verrassend.

‘All-inclusive’ landbouw

Volgens haar gaan we weer naar een ‘all inclusive’- systeem van land- en tuinbouw toe, niet de tegen de natuur, maar met de natuur. En naar een grotendeels plantaardig dieet omdat dit gewoon nodig is vanuit duurzaamheidsoogpunt.

Om deze trend te onderbouwen, nam Ammerlaan ons mee in de geschiedenis. ‘’In het verleden worden de trends van de toekomst geboren’,  aldus Ammerlaan.

Ammerlaan schetste onze verwijdering van voedsel sinds de jaren vijftig en zestig. Efficiëntie en tijdbesparen bij het koken stond voorop. Voeding was belangrijker dan plezier en smaak. Koken was ‘groente in een pan met water kieperen en tot moes koken’.

Terwijl de welvaart gedurende de jaren 60, 70 en 80 steeg, werd er steeds meer vlees gegeten. Groente werd het eten voor arme mensen. Totdat rond 2008, met de financiële crisis, opeens het vertrouwen van consumenten in bedrijven en ook de voedingsindustrie kelderde.

Nu willen weer terug naar de natuur, terug naar puur en staan groenten weer in de belangstelling. Ook willen mensen weten hoe hun eten wordt gemaakt en willen meer contact met boeren en tuinders. Ze liet ook een mooi fimpje van de meubelgigant Ikea zien, waarin Ikea een moderne keuken presenteerde (mét) techniek, maar waarbij je ook het echte, pure, onbewerkte eten weer kan voelen, ruiken en aanraken.

Na decennia los te zijn geweest van voedsel en voedselproductie, willen mensen zich er weer meer mee verbinden, zo ziet zij.

Fotolia/Studio Porto Sabbia

Dat lang niet iedereen haar visie onderbouwde bleek o.a. tijdens de discussie tijdens de borrel achteraf. Dit zette me weer met beide benen op de grond. ‘De wereldmarkt is nog niet klaar voor een omschakeling naar plantaardig’, ‘De consument wil nu eenmaal tijd besparen en koopt gemaksvoedsel’.
En ondertussen vertelden de volop aanwezig levensmiddelentechnologen vol trots over hun werk aan het zoveelste nieuwe toetje of sapje. De plantaardige toekomst leek nog mijlenver. En de borrelhapjes waren helaas niet plantaardig (zoals wel een paar dagen eerder bij het initiatievencafé van de gemeente Haarlem in de Dakkas, bieten- en oesterzwamballen, echt lekker!).
Ook de andere Wageningse bijdragen hadden die middag lieten ook niet veel weidse uitzichten zien. Onderzoeker Michiel Nielen vertelde over zijn onderzoek naar technieken waarmee consumenten met behulp van hun smartphone stoffen en bacteriën zelf in hun etenkunnen meten (waardoor ze hopelijk meer vertrouwen krijgen in de voedingsindustrie, of juist niet).